RONDGANG

Het Karmelklooster te Zenderen bestaat nu meer dan 150 jaar. In 1856 kwamen de Karmelieten vanuit Boxmeer naar Twente. Langzamerhand groeide het klooster uit tot een gemeenschap die veel betekend heeft voor Twente. Er ontstonden vandaaruit kloosters in Oldenzaal, Hengelo, Almelo en Enschede. Ook het middelbaar onderwijs kwam door toedoen van de Karmelieten in bovengenoemde plaatsen van de grond. In Zenderen werd het gymnasium Sti Alberti opgericht, waar veel toekomstige Karmelieten hun middelbare opleiding hebben genoten. De kijk op het klooster is vanuit het Patersbos.
In het bos staat een kapel ter ere van de Hl. Jozef en het kind Jezus. De Hl. Jozef heeft bij de Karmel een ereplaats als echtgenoot van Maria. De Karmelieten en Karmelietessen worden officieel Broeders en Zusters van O.L.Vrouw van de Berg Karmel genoemd. Hun scapulier - het bruine kleed dat ze dragen over hun pij - is het kleed van Maria.  
  Naast het Ganzenweitje vinden we een kapel die is toegewijd aan Maria. 's Morgens schijnt daar heerlijk de morgenzon en is het fijn om daar te mediteren, het getijdengebed te bidden of te lezen. De Karmelieten komen van de Berg Karmel en waren oorspronkelijk kluizenaars, die woonden in de grotten of in zelf gebouwde kluizen in het Karmelgebergte boven Haifa aan de zee in Israel. Deze trek is nog terug te vinden in de spiritualiteit van de Karmel.
De eetzaal in het klooster heet refter. Hier komen de broeders drie maal per dag samen om de maaltijd te gebruiken. Voor het middagmaal worden de namen en een korte levensloop voorgelezen van de broeders die op die dag zijn overleden. Ook staat er in de refter altijd koffie en thee klaar voor wie daaraan behoefte heeft. Rond de koffiepot vinden er altijd interessante gesprekken plaats.  
  Meerdere keren per dag komen de broeders samen voor het gebed. Voor het koorgebed maar ook voor de Eucharistieviering. Dat gebeurt op het nachtkoor. Dat is een kapel op de tweede etage van het klooster. Het Mariabeeld en het kruisbeeld zijn de enige versieringen aan de roomkleurige wanden. Maria heeft naast Christus een bijzondere plaats in het leven van de Karmelieten.
Na de Eucharistie is er tijd voor een kop koffie en een gesprek. Normaal is er stilte in het klooster. Vanouds hebben Karmelieten geleerd om op hun kamer te zijn tenzij andere werkzaamheden hen roepen. De eerste broeders in de dertiende eeuw op de berg Karmel in Israel waren eremieten, die daar apart van elkaar leefden en zo nu en dan samen kwamen voor gebed  in de kerk die in het midden stond.  
  Op de nevenstaande foto staat - zoals dat in het klooster heet - het krantenzaaltje. Er liggen niet alleen de voornaamste regionale en landelijke dagbladen, maar ook verschillende tijdschriften, die eenieder op de hoogte houden van wat er reilt en zeilt in onze samenleving en in onze kerk.
Hiernaast zien we de mantelmadonna afgebeeld. De mantel van Maria met het kind Jezus beschermt de zusters en broeders van de Karmel. De woorden decor Carmeli betekenen dat zij de sier van de Karmel is.  
  In de z.g. provinciaalskamer vinden we een groot schilderij van de zalige pater Titus Brandsma, die in 1942 door de nazi's in het concentratiekamp Dachau is vermoord. Hij kwam in de oorlog op verzoek van de bisschoppen op voor de vrijheid van pers en ook voor andere zaken, die indruisten tegen de rechten van ons Nederlanders. Het schilderij is geschilderd door pater Cecilius Timmer o.carm., toendertijd leraar frans op het gymnasium.
In het bos achter het klooster is het kerkhof. Vele broeders, die ooit les hebben gegeven, veertigurengebeden en missies hebben gehouden in heel Twente en ook daarbuiten, ieder weekend in weer en wind op hun fiets stapten om assistenties te verlenen in parochies, die hebben gekookt en op de boerderij hebben gewerkt, die hebben gebeden en in die tijd ook nog hebben gevast, zij allen zijn met de jaren oud geworden en gestorven. Zij liggen nu onder het kruis en onder de oude bomen. Zij zijn binnengegaan in het huis van de Vader en leven daar nu in vrede.